The Kite Runner

The Kite Runner (2007) is de verfilming van de internationale bestseller van Khaled Hosseini. Het filmscenario is een staaltje traditionele vertelkunst met de flashback als belangrijkste verteltruc. Regisseur Marc Forster (verantwoordelijk voor o.a . Finding Neverland in 2004 en straks de 22e James Bond in 2008) maakte een rustige film over vriendschap en schuld, islam en religieuze tolerantie en het leven van Afghanen in Amerikaanse ballingschap.

Rolf Deen

"De moellas willen over onze zielen heersen en de communisten zeggen dat wij geen ziel hebben”, zegt vader Baba (Homayoun Ershadi) tegen zijn zoon Amir (Zekeria Ebrahimi) in de film The Kite Runner. Daarmee zijn de krachten waartussen de Afghanen aan het einde van de twintigste eeuw heen en weer werden geslingerd bondig weergegeven. Hoewel allesbepalend voor ieders lot blijven de politieke verwikkelingen in film en boek op de achtergrond. De middelpuntvliedende kracht van het verhaal blijft de door schuld verbroken vriendschap tussen de twee hoofdpersonen.

Vliegertoernooi

The Kite Runner volgt getrouw het verhaal van Khaled Hossein. Een vliegertoernooi is het begin van het einde van de vriendschap tussen de Afghaanse jongens Amir en Hassan (Ahmad Khan Mahmidzada). Amir is de zoon van Baba, lid van de klasse van welvarende Soennitische Pasjtoen. Hassan is de zoon van Ali (Nabi Tanha), sji’itische moslim en horend tot de Hazara minderheid. De familie van Ali is al meer dan 40 jaar in dienst in het huishouden van Baba. Baba en Ali groeiden samen op en waren, net zoals nu hun zoons Amir en Hassan, hartsvrienden. Baba vindt zijn zoon vergeleken bij Hassan maar een lafaard die niet durft op te komen voor zichzelf en anderen. Baba over Amir: “Een jongen die niet voor zichzelf opkomt wordt een man die nergens voor staat”. Maar als Amir dan het vliegertoernooi wint stijgt hij in aanzien bij zijn vader. En die waardering van zijn vader wil Amir niet meer verliezen.

Verkrachting

Hassan vervult zijn rol als vliegerrenner met verve en weet de laatst neergehaalde vlieger altijd feilloos te vinden. Ook nu lukt hem dat. Maar het noodlot slaat toe als hij bij het ophalen van de vlieger in een doodlopend steegje te grazen wordt genomen door drie pestkoppen. Amir is ongewild en ongezien getuige van de verkrachting van zijn vriend maar schiet hem opnieuw niet te hulp. Deze schuld belast hem zo dat hij in plaats van die te bekennen de verwijdering tussen hem en Hassan probeert groter te maken. Hij weet dat zijn vader diefstal beschouwt als de ergste misdaad en zet daarom in scene dat Hassan zijn verjaardagcadeau zou hebben gestolen, in de hoop dat Hassan en zijn vader ontslagen zullen worden. Wanneer hij ter verantwoording wordt geroepen bekent Hassan de misdaad die hij niet heeft begaan. Om redenen die Amir later pas duidelijk zullen worden vergeeft Baba Hassan de diefstal onmiddellijk. Het mag niet baten, Ali’s eer is geschonden en zijn besluit om te vertrekken staat vast. Na deze tragische breuk gaat Amir schuldbeladen door het leven en krijgt hij pas 20 jaar later, als de volwassen Amir (Khalid Abdala) en Baba inmiddels in de Verenigde Staten wonen, de kans om die schuld in te lossen.

Beter dan het boek

Hoewel het verhaal van De Vliegeraar niet over religie op zich gaat, vormt de mix van etnische afkomst (Pasjtoen en Hazara), religieuze verdeeldheid (Sjiieten en Soennieten) en traditie en moderniteit (moskee en bioscoop) de achtergrond voor het verhaal over de verbroken vriendschap tussen Amir en Hassan. Het verhaal gaat over hoe concrete schuld, ook als die is opgebouwd in wat moet doorgaan voor de onschuldige kinderjaren, pas ingelost wordt als er een daad tegenover gesteld kan worden. Het is een hoopvol verhaal over een jongen die niet voor zichzelf opkomt maar, in weerwil van zijn vaders dogma, toch nog een man wordt die ergens voor staat, een verhaal over menselijkheid te midden van mensonterende omstandigheden.

Al die elementen nemen scenarioschrijver David Benioff en regisseur Marc Foster trouw over uit het boek. Helaas komt in de film ook de soapachtige ontknoping van het boek mee. Amir krijgt weliswaar de kans zijn jeugdzonde goed te maken, maar de afwikkeling van het drama is een onwaarschijnlijke opeenvolging van gebeurtenissen die ook het boek al ontsierde. Hier lag een kans om de kijker die het boek ook gelezen heeft aan het einde van de film tevreden te laten concluderen: de film was beter dan het boek. Die kans is niet gegrepen.

Voor meer informatie: zie Cinema.nl.

Deze site is eigendom van de stichting KFA-Filmbeschouwing.
Voor alle teksten © Copyright KFA Filmbeschouwing.