|
The Exorcism of Emily Rose: drukt katholicisme
in de Jomanda-rol
“Schuldig aan dood door verwaarlozing, maar vrij om te gaan.” Is dat het oordeel dat The Exorcism of Emily Rose velt over de wetenschap of over het geloof? Ben je als bezetene beter af in de handen van een dokter of van een exorcist? De makers van Emily Rose geven de exorcist het voordeel van de twijfel. Wanneer een Nederlandse filmer hetzelfde zou doen met het verhaal rond de ziekte en dood van Sylvia Millecam, dan zou Jomanda er goed vanaf komen. In Amerika wordt de film gezien als steun in de rug van katholieke anti-evolutionisten en aanhangers van het Intelligent Design-standpunt. Maar of katholieken nu zo blij moeten zijn met de rol die hun geloof in de strijd tussen wetenschap en religie wordt toegedicht in deze film, is maar de vraag.
Rolf Deen
Het script zou gebaseerd zijn op de gebeurtenissen rond een mislukte duiveluitdrijving in Duitsland in de jaren ’70. De enige overeenkomst met de ‘werkelijkheid’ is echter het simpele universele verhaal: jonge hypergevoelige vrouw verlaat beschermde omgeving van gelovig gezin en raakt in de boze buitenwereld danig in de war. Wat zij ziet en meemaakt wordt door de een aangezien voor epilepsie en psychose en door de ander voor bezetenheid door de duivel. Vanzelfsprekend volgen uit die verschillende diagnoses verschillende therapieën: pillen van de dokter óf exorcisme door de priester. Emily en haar ouders kiezen voor het laatste en dat loopt verkeerd af.
Rechtbankdrama met horrorelementen
Als de film begint is Emily al dood en wordt de priester ervan beschuldigd die dood te hebben veroorzaakt met zijn exorcisme ritueel. Om de lotgevallen rond de duiveluitdrijving van Emily Rose te vertellen put de film uit twee klassieke Hollywood-genres: het rechtbankdrama en de horrorfilm. De rechtbank wordt gebruikt als het strijdtoneel van wetenschap en geloof. Aan de ene kant staat namens de wetenschap de officier van justitie en tegenover hem namens het geloof, de verdediging. De verhoren, getuigenissen en herinneringen van de betrokkenen vertellen in de vorm van flashbacks Emily’s verhaal. Deze flashbacks putten uit de truckendoos van de horrorfilm, overigens mooie scènes die meer werken met suspense dan met spektakel.
Geloof op voorsprong
Juist in het hybride karakter van de film, een rechtbankdrama opgewaardeerd met horrorscènes, schuilt zijn zwakte. Cineast Scott Derrickson beweert dat de keuze voor de rechtzaal hem in staat stelt de discussie tussen wetenschap en geloof op een eerlijke en evenwichtige manier te voeren. Maar zijn scenario en zijn manier van filmen geven het geloof een voorsprong en zetten de wetenschap op achterstand. De officier van justitie, weliswaar een gelovig christen, wordt door Campbell Scott gespeeld als een botte, vooringenomen en gemene man voor wie alle getuigen à decharge per definitie te kwader trouw zijn. De advocaat, gespeeld door Laura Linney, is een bedachtzame, sympathieke vrouw, die zich gaandeweg bekeert van een carrièreadvocaat tot een sceptische maar bevlogen verdediger van het bovennatuurlijke. Bovendien is in het vertelperspectief volledig de kant van de verdediging gekozen. Dit zou allemaal nog niet veel uitmaken, Hollywood-films werken nu eenmaal graag met de zwart/wit tegenstelling good guy/bad guy. Maar de jury wordt in veel Amerikaanse rechtbankdrama’s zo gefilmd (veel close-ups van individuele juryleden, requisitoir en pleidooi met blik in de camera of over de schouder van de officier en advocaat gefilmd) dat het bioscooppubliek gedwongen wordt zich ook op te stellen als jury. En de kijkers zien meer dan de jury in de rechtzaal. Wij zien namelijk wel de flashbacks uit het leven van Emily, de gesprekken van de advocate met de priester in het huis van bewaring en met de arts die bij het exorcisme aanwezig was maar nooit in de rechtzaal verschijnt. Als de arts die beweert dat er “tegen de duivel geen injecties” bestaan even later door een “ongeluk” om het leven komt, nadat de priester de advocate heeft gewaarschuwd dat er “evil forces” aan het werk zijn rond dit proces, welke keuze heeft de geseculariseerde kijker dan nog?
Bestaan van God via de duivel aangetoond
De positie van de makers is het verhaal van de deskundige getuige, die door de verdediging wordt opgeroepen. Een cultureel antropologe die zich gespecialiseerd heeft in de studie van bezetenen en die in het midden laat of het nu allemaal echt is of niet, nadat ze overigens voor de leek een overmacht aan bewijs ervoor heeft aan kunnen dragen. De film neemt zelf ook dit standpunt van ‘het-zou-kunnen’ en ‘er-zit-wel-iets-in’ ten opzichte van het bestaan van de duivel en exorcisme in. In de Amerikaanse discussie over geloof en wetenschap wordt met andere woorden het bestaan van God aangetoond met de waarschijnlijkheid van het bestaan van de duivel. “Sinds de mensen niet meer geloven, geloven ze alles”, gaat het gezegde. Of katholieken er zo blij mee moeten zijn dat door dit vacuüm aan traditionele geloofskennis en –beleving hun priesters en het katholieke geloof op het gelijke plan worden gebracht met de Jomanda’s van deze wereld en hun kwakzalverij, zoals deze film feitelijk, is inmiddels geen vraag meer.
Levensbeschouwelijk sleutelwoorden
Religie en wetenschap, duivel, satan, duiveluitdrijving.
Voor meer informatie: zie IMDB.com.
|