Verraad, verleiding en verzoening.

Veel licht verteerbare informatie maar niets om echt je tanden in te zetten in boekje over de rol van eten in de film.

Rolf Deen

De rol van eten in speelfilms is het onderwerp van het boekje “ Verraad, verleiding en verzoening” van Louise Fresco en Helen Westerik. Het boek belooft een kort historisch overzicht van voedsel in speelfilms, een analyse van de betekenis van voedsel in speelfilms en een gedetailleerde beschrijving van tweeëntwintig films en een concluderend hoofdstuk. Veel informatie en een rijke index die het grasduinen in de verschillende hoofdstukken mogelijk maakt. Het meest raakte ik echter geïnteresseerd in onderwerpen die de auteurs lieten liggen: het taboe beladen (bijna) kannibalisme en de religieuze symboliek van maaltijden in films.

Niets is toevallig

Niets is toevallig in een film en helemaal niet in scènes waar wordt gekookt, gegeten of waar voedsel op een andere manier een rol in speelt. Het in beeld brengen van eten kost zo veel moeite dat een regisseur er wel heel bewust voor moet kiezen vanwege een bedoeling die hij er mee heeft. Voor die bedoeling van eten in de film wekken de auteurs op een onderhoudende manier belangsteling. Net als de auteurs zelf, raak je snel gefascineerd door het onderwerp en is het na dit boekje moeilijk om ooit nog met een film bezig te zijn zonder je af te vragen wanneer, waarom en door wie er in gegeten wordt.

Opsomming i.p.v. analyse

Naast alle verassende informatie, weetjes en doorkijkjes die het boek zo leuk om te lezen maken doen de auteurs een belofte die ze niet waarmaken. Het hoofdstuk over de geschiedenis van voedsel in speelfilms is meer een algemene geschiedenis van de speelfilm. En de beloofde analyse van de betekenis van voedsel in speelfims, waar ik me zo op verheugde, is meer een opsomming dan een analyse.

Drie types of toch meer?

Je denkt dat er een op pagina 38 een systematische indeling in drie type voedselfilms begint maar die gaat een pagina later al weer over in een opsomming zonder dat er een relatie wordt aangegeven met de drie (of komen er meer?) eerder onderscheiden types: (1) films waarin eten als personage wordt opgevoerd, (2) films waarin eten als een betekenisvol en dominant décor wordt gebruikt en (3) films waarin eten dient als betekenisgever van verbondenheid en gemeenschap. Slordig voor een publicatie die verschijnt onder de vlag van de ‘Amsterdam University Press’, ook al is het in de serie ‘popular science’.

Kannibalisme

Het meest geïnteresseerd raakte ik in wat ik miste in het boekje. Dat is ondermeer het thema kannibalisme. Een van de grootste taboes op het gebied van eten is natuurlijk het kannibalisme. Naast talloze onschuldige B-films waarin westerse ontdekkingsreizigers en missionarissen in de kookpot van woeste inlanders verdwijnen zijn er de minder onschuldige en schadelijke erotische respectievelijk pornografisch kannibalisme films. Maar ik doel hier meer op de A-fim waarin verwezen naar of gespeeld wordt met het taboe. De auteurs behandelen ‘The Cook, the Thief, His Wife and Her Lover’ van Peter Greeneway, waarin een vrouw haar minnaar aan haar man voert, maar zien daar toch geen aanleiding het thema apart te behandelen. Terwijl zelfs regisseurs als Hitchcock, Polanski er mee spelen. Hoe gaat de film 'Alive' (1993) waarin het waargebeurde verhaal over een vliegramp waarin de overlevenden zich onder meer in leven houden door kannibalisme, met dit onderwerp om? En de populariteit van ‘The Silence of the Lambs” met de menseneter Hannibal (‘I’m having a friend for dinner’) blijft ook onverklaard in dit boek.

Laatste avondmaal

Een tweede onderwerp waar ik direct meer over wilde weten omdat ik er – ondanks het woord ‘verzoening’ in de titel - vergeefs naar zocht bij Gresco en Westerik is de betekenis van de religieuze symboliek, en dan speciaal de iconografie van het laatste avondmaal, voor de verbeelding van maaltijden in films. ‘Babette’s Feast’ (1987) van Gabriel Axel wordt natuurlijk genoemd. De film is topzwaar van religieuze symboliek en verwijzingen naar de eucharistie maar in dit boek geen aanleiding om dit onderwerp te thematiseren. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor ‘Como agua para chocolate’ (Alfonso Aura, 1992). Er zijn zoveel regisseurs die op een of andere manier de symboliek van het laatste avondmaal of de christelijke eredienst in hun films verwerken (Kieslowski, Tarkovski, von Trier, Scorsese, Passolini, Malle, Buñuel, Bresson, Bergman, Godard) dat er aan voorbij gaan in een boek over eten en films, schreeuwt om een aparte studie op dit gebied.

Louise O. Fresco en Helen Westerik, Verraad, verleiding en verzoening. De rol van eten in speelfilms. Amsterdam University Press, Amsterdam, 2010. (140 pp. / € 24,50)
Deze site is eigendom van de stichting KFA-Filmbeschouwing.
Voor alle teksten © Copyright KFA Filmbeschouwing.