Tibet in de film: een vreemde fascinatie

Eind jaren negentig draaiden er vier Tibetfilms in de Nederlandse bioscopen die veel bezoekers trokken: Kundun, Seven Years in Tibet, Die Salzmänner von Tibet en Knowledge of Healing Vanuit de polder kregen we een fascinerend uitzicht op het ‘dak van de wereld’ en zijn bewoners. Hier was meer aan de hand dan de zoveelste exotische trend. Deze grote belangstelling zal zeker in verband staan met de afschuwelijke politiek-economische onderdrukking vanuit China, maar wat volgens mij met name speelt (zeker in deze films) is de ideologische onderdrukking van deze cultuur. Een unieke spiritualiteit wordt op een dusdanige wijze vernietigd dat we waarschijnlijk in de volgende eeuw over Tibetanen zullen spreken zoals we dat nu doen over Indianen en de Aboriginals.

Tjeu van den Berk

Maar toch zit er iets vreemds aan onze fascinatie. Want hoe komt het dat juist deze raadselachtige wereld ons zo boeit en intrigeert? We hebben hoegenaamd niets met haar rituelen van doen, we moeten glimlachen als we zien hoe de politiek-religieuze intelligentsia van een volk stad en land twee jaar lang afreist om het kind te vinden waar de gestorven Dalai Lama zich in gereïncarneerd heeft, en we zouden er niet over piekeren om mudra’s, mantra’s en mandala’s zulke beslissende factoren te laten zijn in ons alledaagse doen en laten. Maar al zijn we dan ook in hoge mate geseculariseerd toch voelen we ons haast persoonlijk gekwetst als Mao de jonge Dalai Lama toesnauwt dat religie vergif is. We zitten geboeid en vol medeleven te kijken naar enkele mannen die op een rituele wijze zout winnen, terwijl we ons. realiseren dat op deze manier haast geen droog brood meer te verdienen valt. Ja, we ergeren ons mateloos aan de vrachtwagens die in beeld verschijnen en volgens onze maatstaven in een mum van tijd en zeer efficiënt datzelfde zout weten te vervoeren. We hebben duidelijk een dubbel gevoel.

Toen ik alle vier de films gezien had, kreeg ik een vermoeden van wat ons misschien zo beroert in deze beelden. We komen daarin, denk ik, in aanraking met een visie op het bestaan die nog vlak onder ons bewustzijn aanwezig is, een visie die we aan de ene kant als afgedaan beschouwen maar aan de andere kant ook node missen. We zitten blijkbaar ‘geboeid’ te kijken. Voor ik dat uitwerk, eerst een schets van de vier films.

Martin Scorcese: Kundun

Martin Scorsese filmde de kinder- en jeugdjaren van de huidige Dalai Lama, en wel vanaf het moment dat ‘De dierbare’ (= Kundun) als twee en half jarig jongetje in een boerengezin wordt herkend als de reïncarnatie van de bodhisattva Chenrezig tot aan het moment dat hij moet vluchten naar India (1937-1959). De rode draad in Kundun is de botsing tussen de spirituele geweldloze levensstijl van Tibet en de materialistische gewelddadige cultuur van China. Scorsese filmt deze botsing vanuit de innerlijke beleving van de jonge Dalai Lama, uitverkoren om de geestelijke en politieke leider te worden van zijn volk. Geweldloosheid en gewelddadigheid worden niet zozeer realistisch uitgebeeld als wel getoond vanuit het meditatieve bewustzijn van de jonge monnik. Daarom is er een stroom van beeldassociaties, gemoedsbewegingen, zielenberoeringen, die proberen op te roepen wat ‘peace of mind’ (Scorsese) betekent. De film slaagt er met name in de ‘andere werkelijkheid’ op te roepen bij het uitbeelden van rituelen. De ‘begrafenis’ van de vader van de jonge Kundun (zijn lichaam wordt in doeken gewikkeld, in stukken gehakt en aan de roofvogels over gelaten) is op een ‘geweldige’ wijze geweldloos. Het grootste deel van de film laat zien hoe de jonge man rigoreus getraind wordt in deze transcendentale houding. ‘Mijn film is als een mandala gemonteerd’ zegt Scorsese. De wijze waarop juist hij hierin geslaagd is, dwingt het grootste respect af. Een mandala is geheel iets anders als een klassiek drama dat zich afspeelt in de tijd en waarin polariserende krachten elkaar bevechten, hetgeen dan uitloopt in een catharsis. Een mandala speelt zich steeds af in het nu, het is een spanningsveld van polaire krachten (iets anders dan polariserende!) die zich in evenwicht houden: mannelijk en vrouwelijk, goed en kwaad, leven en dood, cirkel en vierkant. Zoals gezegd, filmt Scorsese dit veld van tegenstellingen steeds vanuit de inwendige beleving van de Dalai Lama. Duisternis en licht spelen gelijktijdig in hem. Hij beeldt deze ‘Oceaan van Wijsheid’ (= Dalai lama) uit als een eveneens door nachtmerries bezochte, hij geeft in één beeld weer dat de krijgers die hem op zijn vlucht vergezellen tegelijkertijd overwinnaars en afgeslachten zijn, hij drapeert om de voeten van de geweldloze Kundun de gewelddadig gedode monniken als een immens groot tapijt aan zijn voeten, het hele doek vol, letterlijk een mandala. Maar steeds worden al deze tegengestelde krachten bijeengehouden door een middelpunt, een centrum van stilte, door het mysterie. Dat geeft aan de beelden in deze film een zeker statisch karakter, maar dat wil niet zeggen dat daarin spanning ontbreekt. Men heeft alleen andere antennes van waarnemen nodig dan bij een tragedie.

Annaud: Seven Years in Tibet

Seven Years in Tibet van Annaud, goed getypeerd als een ‘spirituele avonturenfilm’, gaat ook over de jonge Dalai Lama (1943-1950) en is gebaseerd op de memoires van de vlak voor de oorlog beroemde Oostenrijkse bergbeklimmer, Heinrich Harrer, die in 1939 op expeditie gaat naar het Himalaya-gebergte. Tijdens die tocht breekt de tweede wereldoorlog uit, hij wordt gevangen genomen in een Brits kamp, weet te ontsnappen, zwerft eerst twee jaar lang door het barre, onherbergzame gebergte en komt uiteindelijk volledig uitgeput in Lhasa aan, de hoofdstad van Tibet. Hij wordt daar vriend en leraar van de Dalai Lama die dan ongeveer acht jaar is. Harrer keert in 1950 weer terug naar zijn land. De film toont weer een confrontatie van twee levensbeschouwingen, een typisch westerse, rationele en hedonistische mentaliteit, die in eerste instantie geen geen raad weet met deze een oosterse, ‘onverlichte’ en ascetische levensbeschouwing. In de film verwoordt een Tibetaanse kleermaakster het verschil uitstekend: ‘Jullie bewonderen iemand die een bergtop beklimt, wij bewonderen iemand die zijn ego loslaat’. Centraal thema in de film is het bewustwordingsproces van Harrer. Achteraf zal hij zich realiseren gedurende zijn verblijf in het verboden gebied, Lhasa, een mystieke bergtocht gemaakt te hebben. In de film komt een Duitse avonturier, die alleen omdat hij nazi is aan zo’n expeditie kon deelnemen, die zijn hoog zwangere vrouw achterlaat omdat hij geen kind bij haar wil, dicht bij zijn ziel terecht. Een exotisch avontuur komt in een esoterisch perspectief te staan. Zeker, Annaud heeft er een meeslepend westers verhaal van gemaakt, dat een zeer groot publiek over de hele wereld weet te boeien. De film bezit niet de ingetogen spanning van Kundun, Tibet is meer een raadsel dan een mysterie, Brad Pitt trekt de film als acteur misschien wat teveel naar zich toe, het blijft een film die in zijn soort zonder meer een stuk boven het gemiddelde uitsteekt.

Twee documetaires

Naast deze Hollywoodproducties draaien in verschillende plaatsen ook twee documentaire films: die Die Salzmänner von Tibet van Ulrike Koch, en Knowledge of Healing van Franz Reichle. Die zijn van een geheel andere strekking, en zeker wanneer het er om gaat de Tibetaanse mens en zijn levensbeschouwing rechtstreeks op het spoor te komen, indrukwekkend.

Die Salzmänner is esthetisch naar mijn smaak de meest volmaakte van de vier. Voor een documentaire mag dat bijzonder genoemd worden. Bij deze film moest ik denken aan de uitspraak van Dostojevski: ‘De schoonheid zal ons redden.’ Wat kan een kunstwerk, juist vanwege zijn belangeloosheid, toch de leugen aanklagen!

Sinds mensenheugenis leven in het noorden van Tibet op de hoogplateaus van de Himalaya nomaden. In de film maken vier mannen uit een stam in het voorjaar met ruim honderd yaks een maandenlange reis naar de zoutmeren, hoog in het gebergte. Daar aangekomen winnen ze het zout, doen het in zakken, bepakken hun dieren ermee en keren weer terug. Dit ‘witte goud’ wordt voor de ruilhandel gebruikt. Deze hele onderneming wordt van begin tot eind uitgevoerd als een ritueel. De vier mannen weten van zichzelf dat zij een bundeling van mannelijke en vrouwelijke krachten uitbeelden, die, handelend volgens eeuwenoude, precieze rituele voorschriften, de tranen (= het zout) aan de godin van het meer zullen onttrekken. Het is een gevaarvolle onderneming die de woede van de godin kan opwekken. Geen vrouw mag hen vergezellen op die tocht. De zoutmannen staan voortdurend in dialoog met de bezielde natuur. Eeuwenoude mythen komen weer tot leven, die aan het begin van hun tocht ook gereciteerd worden. Ruim acht jaar heeft Koch aan de realisering van deze film gewerkt. Het kostte jaren om zoutmannen te vinden en hun vertrouwen te winnen om hun bedreigde cultuur te mogen documenteren. Zij werd gedwarsboomd door de Chinese autoriteiten, zodat zij slechts met een kleine digitale camera opnames kon maken en die het land uitsmokkelen. Het meest indrukwekkend vond ik nog wel de sfeer waarin alles plaats vond. Het geluid van de hoeven van de yaks op de droge, stenige bodem, de ademhaling van de mannen en dieren, het geluid van de ijsregen, en een immens landschap. De film brengt je zeer dicht bij de mystiek van dit volk.

In Knowledge of Healing staat de eeuwenoude Tibetaanse geneeskunst centraal. Het was in deze film dat ik woorden en beelden aangereikt kreeg die me een stuk inzicht verschaften in het mysterie Tibet. In deze film zie je een drietal oude genezers, die in hun jonge jaren, vóór de bezetting van hun land, nog een jarenlange opleiding in deze ‘grote kunst’ genoten hebben, en die nu in den vreemde hun beroep uitoefenen. Een gedeelte van de film gaat ook over groeiende belangstelling van de westerse chemische geneeskunde voor deze eeuwenoude kruidenkunst. Deze kunst is fundamenteel holistisch van aard. Men ziet hoe de geneesheer gelijktijdig uiterst meticuleus en feilloos de zieke fysieke plek weet te beroeren, zich ondertussen richtend op de gevoelens en gedachten van de patiënt en gelijktijdig via het bidden van mantra’s in contact staat met de spirituele werkelijkheid. We vernemen dat de substanties van de geneesmiddelen (één medicijn bevat tientallen kruiden en vruchten in) corresponderen met de substanties van ons lichaam, en dat beide weer corresponderen met heel onze omgeving, ons voedsel, de lucht die we ademen, de aarde waar we op wonen, ja met de gehele kosmos. ‘Zo boven, zo beneden’! Dit oude adagium van alchemisten is bij deze geneesheren geheel op zijn plaats. Er zijn beelden in deze documentaire die je hevig aangrijpen, bijvoorbeeld het moment wanneer een jonge boeddhistische non vertelt van de vreselijke martelingen die ze heeft ondergaan onder het communistisch regime, en de wijze waarop de geneesheer deze pijn van haar, niet alleen voor een deel geneest maar ook weet te plaatsen in een veel breder spiritueel geheel, en daarmee zowel een trooster als genezer is.

Drie werelden

Wat fascineert ons nu zo sterk in deze Tibetfilms? Dat is volgens mij het feit dat deze mensen zich nog op de meest natuurlijke wijze in drie werelden bewegen: de bovenwereld, de wereld en de onderwereld. Voor velen van ons is een dergelijke wijze van leven volstrekt achterhaald. Nog maar enkele duizenden jaren geleden gold echter in heel Eurazië, vanaf de Stille Zuidzee tot aan de Atlantische Oceaan de opvatting dat er een hemel (aethera), een aarde (terra) en een zee (pontus) waren, en dat deze driedeling zich voortzette en weerspiegelde in de wijze waarop ieder mens opgebouwd is: met geest, ziel en lichaam. De oude Grieken spraken nog over pneuma, psyche en soma en ook de oude Hebreeën wisten en ervaarden naast het lichaam nefesj en roe-ach. Het lijkt ons toe dat hier op het dak van de wereld de laatste resten van deze opvatting op het punt staan te verdwijnen.

Voor de zoutmannen en de kruidenmannen is dit nog een volkomen voor de hand liggende ervaringswereld en ze stralen heel duidelijk uit dat ze geestelijk zeer gezond zijn. De mens is ‘aardig’, ‘zielig’ en ‘geestig’ van aard. Dat ik dat wat speels opschrijf wordt mede ingegeven door de speelsheid en de humor die steeds weer bespeurbaar is bij deze mensen.

En je slaat aan het mijmeren over onze eigen cultuur die ook van oudsher onderscheid maakte tussen geest, lichaam en ziel. Deze driedeling is bijna tot op het bot versleten. De westerse mens heeft van lieverlede deze drie dimensies uitbesteed aan drie soorten genezers, het lichaam aan de medici, de psyche aan de psychiaters en de geest aan de biechtvaders. Langzamerhand gingen ook deze genezers gescheiden werken. De verschillende beroepsgroepen verstonden elkaar niet meer en meenden ook weinig met elkaar te maken te hebben. En ook de zieke mens meende van lieverlede dat er geen verband bestond tussen zijn verhoogde bloeddruk, zijn psychische leven en zijn spiritueel bestaan. De geestelijke herders stonden zo ver verwijderd van het lichaam dat ze het zelfs als gevaarlijk gingen zien, en tot voor kort meenden veel psychiaters nog dat spirituele verlangens ziekte-indicaties waren. Een Tibetaanse monnik schrijft: ‘Jullie christenen hebben een God, ja zelfs een drieëne God, maar jullie filosofie is doordrenkt van de dualistische speculaties van Aristoteles. Wij Aziaten daarentegen kennen dikwijls geen persoonlijke God, laat staan dat we een vermoeden hebben van een drievoudige kracht in God, maar ons gehele leven is triadisch opgebouwd. Onze wijze van leven is veel meer geëigend om vertolkt te worden door een trinitarische religie.’

Ik denk dat we gefascineerd worden in de Tibetfilms door het feit dat er nog mensen zijn die tegelijkertijd zeer aards en zeer spiritueel zijn. In Seven years in Tibet kijkt Harrer bijvoorbeeld zijn ogen uit wanneer hij merkt dat de Tibetaanse vrouwen en mannen erotisch veel minder preuts zijn dan hij en dat ze tegelijkertijd mystiek aangelegd zijn. Het is het geheim van een mandala-bestaan waarin het vulgaire en het subtiele, het bewuste en het onbewuste, de lichte en duistere krachten tezamen kunnen bestaan omdat ze bijeen gehouden worden door een derde spiritueel centrum, dat alles bevat en omvat maar ook als de grote leegte ervaren wordt.

Deze site is eigendom van de stichting KFA-Filmbeschouwing.
Voor alle teksten © Copyright KFA Filmbeschouwing.