‘La Double Vie de Veronique’ een optimistisch blijspel

De Poolse Veronika en de Franse Véronique zijn twintig jaar geleden op dezelfde dag geboren en, zonder dat ze weet hebben van elkaars bestaan, identiek. Ze lijden aan dezelfde hartkwaal, zijn beiden muzikaal en in het bezit van een prachtige stem. Ze zijn linkshandig, lopen graag op blote voeten en hebben de neiging hun oogleden te masseren met hun gouden ring. En hoewel zij het niet rationeel kunnen verklaren, hebben zij alletwee het sterke, mysterieuze gevoel niet alleen te zijn. Zonder het te begrijpen zijn Veronika en Véronique eigenlijk op zoek naar elkaar en staat Veronika´s leven in dienst van dat van Véronique.

Tjeu van den Berk

La Double Vie de Véronique (1991) van de Poolse regisseur Krzysztof Kieslowski heeft van meet af aan tegenstrijdige reacties veroorzaakt. Was vrijwel iedereen te spreken over de esthetische waarde van deze film, inhoudelijk waren slechts enkelen enthousiast, velen waren gereserveerd en sceptisch, en enkelen reageerden uitgesproken negatief. Ik wil beginnen met één zo'n negatief geluid, dat van de bekende psychiater Andries van Dantzig (1920-2005), die deze film besproken heeft in het Maandblad voor Geestelijke Volksgezondheid (in 1993 verschenen in zijn bundel ‘Films - voor gezien getekend’). Hij schrijft: 'Ik vond de film prachtig, overigens tot aan het eind. Heel mooi gefotografeerd, goed gespeeld, door ... een heel mooi meisje, ... een intrigerend lijkend verhaal - maar aan het einde blijkt, dat het nergens over gaat. ... Onzin van het soort waar Jung zo goed in is. Het Collectieve Onbewuste, Synchroniciteit - het betekent niets, maar geeft een lekker gevoel. Het is zo'n film die het ervan moet hebben, dat er meer is tussen hemel en aarde dan de verstandige mensen in hun beperktheid vermoeden. Maar meer dan de werkelijkheid is er niet. ... God bestaat niet, en verwantschap op afstand tussen zielen ook niet. Ik wind me daarover op, omdat ik door de schoonheid van de film gegrepen was, en de kater aan het einde des te erger aan kwam, maar vooral omdat het me bang maakt, dat zo'n mooi verpakt quasi-diepzinnig verhaal, dat een beroep doet op primitieve neigingen om bijgeloof met openbaring te verwarren, zo'n enthousiast onthaal vindt. ... Als de mensheid het ergens van moet hebben, is het niet van wereldomspannende ideologieën, of van openbaringen over het wezen van de kosmos waar je uit jezelf nooit op zou komen, maar van het verstand, het gezond verstand, en van het fatsoen, het alledaags fatsoen. Althans, dat geloof ik.' Tot zover Van Dantzig.


Roodkapje en de wolf bestaan echt

Mijn gehele verhaal direct zal in het teken staan van een ontkrachting van deze visie op de film zonder daarbij overigens in discussie te gaan met Van Dantzig over zijn geloof in gezond verstand en alledaags fatsoen. Ik wil heel dicht bij de film blijven. Het is overigens niet gemakkelijk om Van Dantzig direct van repliek te dienen want bezien vanuit zijn standpunt heeft hij onomstotelijk gelijk. Ik zal hieronder een pleidooi houden voor de opvatting dat deze film het karakter van een parabel heeft en meer nog dat van een sprookje. De overtuiging dat er meer is tussen hemel en aarde kan nu eenmaal niet anders dan via sprookjes, mythen, gelijkenissen en symbolen aan ons getoond worden. Wanneer men dit uit het oog verliest, zouden personen als Van Dantzig bij het zien van het levensecht uitbeelden van het sprookje van Roodkapje, terecht kunnen stellen: wolven die kunnen praten, die meisjes en grootmoeders opvreten, bestaan niet! Maar de wolf, roodkapje, grootmoeder, de jager, het donkere bos, het verdwalen, ze bestaan wél, en wel in ons!

Ontwijkende antwoorden

Recensenten die een visie op de film ontwikkeld hebben, tegengesteld aan die van Van Dantzig, hebben daar nu juist wél oog voor. Kort maar krachtig schrijft Peter van Bueren in De Volkskrant van 16 mei 1991: 'Véronique en Veronika zijn één en dezelfde mens en staan voor Kieslowski voor ieder mens. ... Véronique en Veronika zijn samen, met een groot woord, de universele mens.' Wie zo schrijft, heeft begrepen (maar dat is een ander soort begrijpen dan dat van Van Dantzig) dat ons hier een verhaal verteld wordt dat om een geheel eigen interpretatiekader vraagt.
Bij onze analyse kunnen we overigens weinig hulp verwachten van Kieslowski zélf. Als één regisseur tijdens persconferenties en interviews sterk is in het ontwijken van antwoorden of op een bedrieglijke wijze de vragensteller tegemoet komt dan is hij het wel. Wat te denken van zijn antwoord op de vraag of hij geloof hecht aan het feit dat ieder van ons wel een dubbelganger heeft? 'Soms, maar niet wat mijzelf betreft.' Tegen een ander zegt hij: 'Mijn film is helemaal niet surrealistisch maar realistisch bedoeld. U mag hem rustig interpreteren, als u zich maar realiseert dat Véronique iets zoekt dat gewoon bestaat, zoals bomen bestaan.'

'Mystiek, ja. Religie, neen.'

Bij deze uitspraak komt onwillekeurig de laatste scène uit de film in herinnering waarin Véronique de boom aanraakt die vlak bij haar ouderlijk huis staat. Zoals U waarschijnlijk weet werd deze film vertoond op het festival in Cannes in 1991. Ik had toen het geluk in de Oecumenische jury te zitten. Wij gaven deze film de eerste prijs. Tijdens een persconferentie stelden journalisten vragen aan Kieslowski juist met betrekking tot deze boom-scène. Toen iemand in de volle zaal een interpretatie gaf van het aanraken van die boom, zei Kieslowski: 'U hebt dat zeer juist gezien.' Meteen daarop gaf iemand anders een volledig andere interpretatie van die scène. Kieslowski's antwoord kwam zonder aarzelen: 'U hebt dat zeer juist gezien.' Hilariteit in de zaal. En de gespreksleider stelde hem uiteraard de vraag wat hij nu zélf bedoeld had met die scène? Antwoord: 'Ik had nog precies een stukje tape over dat paste binnen de tijd van 138 minuten.' Toen de vragensteller aandrong zei hij: 'Elke keer dat ik La Double Vie weer zie, krijg ik bij deze scène andere associaties. Het beeld reikt blijkbaar veel verder dan mijn oorspronkelijke bedoelingen.'... 'Ik film geen metaforen. Maar mensen kunnen wel mijn beelden als metaforen zien. En dat is heel goed. Dat wil ik juist. Mystiek, ja! Religie, nee!'

Oud vrouwtje

We zijn dus gerechtigd en verplicht (en dat geldt in feite voor elk kunstwerk is) onze eigen analyse te maken. Maar die analyse gebeurt nooit alleen vanuit het gezonde verstand laat staan vanuit het alledaags fatsoen en ook niet vanuit een objectief wetenschappelijke blik. De wijze waarop Véronique het woord 'psychologiquement' uitspreekt in het stationsrestaurant, zegt meer dan genoeg. Zij laat Fabbri daar dan ook zitten met zijn thé-citron.

Pas toen ik de derde keer de film zag, raakte ik geïntrigeerd door het oude vrouwtje dat tweemaal door het beeld schuifelt, vol mededogen nagestaard door Véronique. Al vanaf de eerste keer was zij voor mij uitgesproken het klassieke oude vrouwtje uit het sprookje. Maar ik vatte niet echt wat voor betekenis zij had. Het was me uiteraard wel opgevallen dat Véronique in de film alleen nog maar een vader heeft, zowel in Polen als in Frankrijk, en dat we de stem van de moeder slechts horen aan het begin, ofwel wijzend naar de sterren aan de hemel ofwel naar de bomen op aarde, maar ik bracht deze gegevens niet in verband met de oude vrouw. We voelen wél dat Véronique zich hevig tot haar aangetrokken voelt. Nadat zij het oude moedertje heeft zien wegsloffen, zal Veronika enkele uren later sterven. Zij die met haar hele wezen naar de hemel streeft (zij zingt een lied op een tekst van Dante, getiteld 'op weg naar de hemel', verso il cielo) komt met een dodelijke dreun op aarde terecht, ja zij komt onder de aarde te liggen.

Demeter en Persephone

En ineens kreeg ik een intuïtie. Hier wordt de kern van de mythe van Demeter en haar dochter Persephone uitgebeeld. Midden in de bloei van haar leven (de vrouwen in deze familie, zegt de tante, sterven gezond!) wordt het jonge meisje Persephone door de god van de onderwereld naar beneden getrokken. Daarna, vertelt de mythe, trekt haar moeder als een oud vrouwtje de wereld door, vergeefs op zoek naar haar dochter. Zij moet lijdzaam toezien dat haar kind tot een huwelijk gedwongen wordt met de vorst van de onderwereld. Wat zij zich niet realiseert maar de mythe wel, is dat vruchtbaarheid bóven de aarde, geschiedt op voorwaarde van te sterven in de aarde. Het klassieke verhaal van de graankorrel. Er ontstaat een driftige onderhandeling tussen de god van het licht en die van de duisternis, die resulteert in een compromis. Gedurende de herfst- en winterhelft van het jaar zal Persepone ónder de aarde verblijven, gedurende de lente- en zonnehelft zal zij vrucht mogen dragen bóven de aarde.
Ligt in deze mythe geen leidraad voor ons verborgen tot het verstaan van de film? Als Veronika begraven is, wordt Véronique bij wijze van spreken dodelijk aangetast, en zij dient al haar krachten aan te wenden om hiervan te leren en kost wat kost nieuw leven te putten uit dit sterven. Ze probeert de fouten te vermijden die Veronika in haar hemelbestorming beging. De boomscène op het einde van de film is dan ook een sleutelscène. Op hetzelfde moment dat zij haar hand legt op de boom, klinken de hoogste tonen uit het lied van Veronika! Ze is er boven-op! De ontvoerde Persephone, de godin van alle gewassen is herrezen. Vanuit de duistere aarde heeft het sap zijn weg gevonden naar boven.

Marionettenspel

Dit hele gebeuren wordt in het middendeel van de film uitgebeeld in het marionettenspel. Zo ergens in de film dan wordt hier duidelijk dat het om een gelijkenis gaat. In deze scène zien we op de achtergrond ook hier weer de oude moeder aanwezig, wiegend in haar schommelstoel. Als haar kind gestorven is, dekt zij het met een lijkwade toe. En dan gebruikt Kieslowski een ander klassiek symbool van verrijzenis: de vlinder die verrijst uit de cocon. In de hotelscène, op het einde van de film, herhaalt zich weer dit transformatieproces. Véronique valt op het hotelbed in een diepe slaap. Voor even verdwijnt alle licht op het doek. Even later zal ze zeggen: 'toen ik insliep viel een laken over me heen.' Dit is weer de lijkwade. Slapen en sterven zijn in veel sprookjes en mythes identiek. En dan vindt het alchemistisch proces opnieuw plaats: in haar droom ziet ze ondersteboven de spits van de baksteenrode kerk van Krakow verrijzen. De weg van duisternis naar licht is weer afgelegd. Even later zal dit droombeeld zich verwezenlijken of verwerkelijken en zal zij, met behulp van Fabbri, haar 'alter ego' ontdekken. Er volgt een orgastische uitbarsting. Een scène later vinden we haar slapend in het huis van Fabbri. Wakker geworden, doolt ze door de gangen van zijn huis, om uiteindelijk in het centrum van de doolhof te geraken. Ergens in ons leven, midden in een doolhof van gangen en deuren, worden de draden gesponnen van ons bestaan. Ergens zit de grote Fabricator die aan de touwtjes trekt. Ergens zit de grote sprookjesverteller, die een verklaring weet voor de vele dubbelzinnigheden in ons leven.
Als haar dat op die plaats geopenbaard wordt, verlaat ze Fabbri. Kieslowski heeft er met nadruk op gewezen dat de marionettenspeler niet gezien mag worden als haar nieuwe minnaar. Hij is slechts de sprookjesverteller, die net als Andersen dat doet in verschillende van zijn sprookjes, onderdeel is geworden van het sprookje. Maar zoals alle sprookjesauteurs heeft hij speciale antennes en vangt hij geluiden op die anderen niet opmerken. Hij kwam op het spoor van de partituur van haar leven.

Veronica

Laten we eens proberen wat verder in dat dubbele zielenleven van Veronika binnen te dringen. Tot mijn verwondering ben ik nog nergens de mijns inziens voor de hand liggende etymologische betekenis van haar naam tegengekomen. Die valt uiteen in veron ikon, waarachtig beeld. De film is in feite een speurtocht naar het diepste beeld van onszelf. Kieslowski kiest hier weer een wondermooi symbool: een foto. Diep in ons bestaat er een duister negatief van onze lichte zijde. Zonder het te weten dragen we haarscherpe afdrukken van dat negatief met ons mee in onze handtas of rugzak. En plotseling, in het voorbijgaan, op een hotelkamer, ontdekt Véronique haar diepste ikoon. Haar ik valt samen met haar zelf!

Licht en duister

Het zal U overigens al lang duidelijk zijn uit mijn betoog dat voor mij deze film gaat over één mens, over ons, de mens, die zowel een lichtende als een duistere zijde heeft. Vele sprookjes of mythen kennen de stijlfiguur van twee zussen, één met zwart en één met blond haar, of twee broers, de slimme en de domme, en uiteraard de prinses en prins, de yin- en yangzijde uitbeeldend van een mens. Vanaf de geboorte kijkt onze ziel twee richtingen uit: naar de sterren en naar de aarde. Volwassen worden betekent dat deze twee dimensies een 'heilig huwelijk' weten te sluiten. Dit betekent dat er in ons leven constant een afwisseling is tussen opgaan en ondergaan, schemeringen ten dode en schemeringen ten leven. Een gezonde spanning is steeds polair van aard, een ongezonde spanning polariseert deze twee tendensen. Hoe vreemd dat ook lijkt, de aardse, analyserende Véronique stijgt uiteindelijk op ten hemel, en de hemelse, synthetiserende Veronika daalt uiteindelijk ter helle. Op het moment dat zij zingend uitroept dat zij tezamen met Minerva en Apollo, en begeleid door tien Muzen ten hemel stijgt, breekt haar hart en daalt af ter helle.

Opgaan, blinken en verzinken

In Clermont-Ferrand, die ook 'la ville noire' wordt genoemd vindt het tegenovergestelde proces plaats. Van het overweldigende, volmaakte lied, ingezet op de hoge, ijle tonen van de fluit, en begeleid door orkest en koor in Krakow, blijft weinig meer over in het muziekklasje in Clermont-Ferrand. Het moet moeizaam op een kleuterniveau weer opnieuw opgebouwd worden. Opgaan, blinken en verzinken, en weer opgaan, blinken en verzinken, dat lijkt het grondrecept van bijna alles. Sprekend over deze film, zegt Kieslowski: 'Alles heeft zijn prijs; elk geluk zijn ongeluk. We betalen alles wat we beleven, terwijl we niet weten aan wie en waarom. Dat is geen leuke gedachte maar in het gevecht is er steeds iemand die in leven blijft. Daarom is ‘La Double Vie’ een optimistisch blijspel.' In een eerder stadium had hij de film 'Het onvoltooide meisje' willen noemen.

Karakteristiek voor Veronique

Ik wil tot slot verschillende karakteristieken van Véronique bijeen zetten. Hoe ziet een mens eruit, die zó weet te leven? Het mag duidelijk dat ik deze karakteristieken symbolisch bedoel. De gronddimensie van deze film kan alleen maar via symbolen in beeld komen.
Een mens dus à la Véronique, is gevoelig voor achtergrondgeluiden in het leven. Op het eerste gehoor onsamenhangende geluiden op een cassettebandje zonder afzender, brengen háár op het juiste spoor-weg-station. Deze mens is bij uitstel gevoelig voor klanken, schitterende melodieuze klanken maar ook alledaagse, profane; uitgesponnen klanken, maar ook piepgeluiden. Een dergelijk mens heeft aan een veter genoeg, opgediept uit een vuilnisbak, om de weg naar het hart te vinden. Cardiogram en zo'n niets zeggende veter vallen blijkbaar voor deze mens samen.

Visionaire oplettendheid

Onder de blik van een dergelijk mens neemt de alledaagse wereld een andere vorm aan. Een mens die zich normaal noemt, vindt dat de blik van Véronique de wereld vervormt. Niet alleen straalt uit haar ogen constant een soort gouden licht, maar kerktorens komen op zijn kop te staan. Wat boven lijkt, komt soms van beneden, wat vierkant is, krijgt ronde vormen, wat scherp lijkt, wordt wazig. Soms helt de wereld vervaarlijk voorover of achterover, ja haar dode ogen kijken nog vanuit het graf omhoog. Een dergelijke blik roept juist het mysterie achter de wereld op. Voor een dergelijk mens danst het licht nog door in de ruimte op een moment dat dit normaal gezien, niet meer kan kan. Een dergelijk mens heeft voor-gevoelens, ja is para-normaal begaafd. Zij ruikt een sigarendoos op afstand. Volkomen onbewust, te midden van het revolutionaire geweld en straatrellen, bezit zij een visionaire oplettendheid, die maakt dat zij onbewust of halfbewust het beeld van zichzelf vastlegt.

Een groot kind

Mensen als Véronique zijn duidelijk onhandig en slordig en handelen niet volgens de etiquette. Zij trapt in de plassen, zingt haar hoogste lied in een plensbui, knoopt haar veters niet dicht, laat haar vinger tussen de deur zitten, steekt haar sigaret verkeerd om aan, glijdt ineens uit, laat haar das achteloos over de grond slepen. Ook haar tas is eigenlijk een zootje ongeregeld. Op een vertederde manier zit ze chaotisch in elkaar. Een beetje gestoord.
Een dergelijk mens vertoeft in deze wereld als een groot kind. Een kind is, zoals we weten intens onder ons aanwezig maar eigenlijk ook afwezig waar het onze grote belemmeringen betreft. Het is altijd ici en ailleurs! Het antwoord à l'appel d'un inconnu! Het verblijft in deze wereld als verblijft het er niet!

Muziek

Het grote symbool voor dit type leven is in deze film uiteraard de muziek. Muziek is bij uitstek de kunst die aards en hemels tegelijk is, die scheppend en verlossend is. Muziek weet onze geestelijke ziel en onze aardse driften te raken. Steeds weer opnieuw horen Véronique en Veronika op de voor- of de achtergrond de levensklanken. Muziek is één van de grote voertuigen van transcendentie. Muziek roept het visioen op! Deze film gaat over het visioen in het leven van alledag. Dat is totaal iets anders dan het fatsoen van alledag.

Meer informatie over deze film: Cinema.nl
De DVD van ‘La Double Vie de Véronique’ is verschenen in de serie Quality Film Collection

Deze site is eigendom van de stichting KFA-Filmbeschouwing.
Voor alle teksten © Copyright KFA Filmbeschouwing.